Victoriaans interieur: Zoek de 5 verschillen

Het is oktober, en als we de marketinggoeroes van onze interieurwinkels mogen geloven, is het dus woonmaand! Ik maak graag van de gelegenheid gebruik om jullie wat te vertellen over victoriaans interieur. Wisten jullie bijvoorbeeld dat het vak van de interior designer in de 19e eeuw is ontstaan? Uiteraard was er daarvoor heus ook wel sprake van verschillende interieurstijlen, maar nu had de groeiende middenklasse tenminste ook wat te kiezen. Wat was er nieuw in de victoriaanse tijd?

In de 19e eeuw veranderde best het een en ander in de manier waarop huizen werden ingericht. Dit kwam onder andere door nieuwe uitvindingen, een grotere behoefte aan woningen voor de groeiende middenklasse en nieuwe ideeën over het gescheiden houden van  verschillende ruimtes voor verschillende functies.

Dit laatste ging heel ver: Werk moest van de woonomgeving gescheiden zijn (hallo suburbs), en personeel gescheiden van de hoofdbewoners. Er waren vertrekken voor publieke functies (drawing room, dining room) en vertrekken waar alleen de familie kwam, zoals de slaapkamers. Een housewarming waarbij nieuwe bewoners trots hun slaapkamer en badkamer aan vrienden lieten zien, zoals nu, zat er dus echt niet in.

Hieronder zien jullie twee afbeeldingen van twee compleet verschillende ruimtes. Ik maakte deze foto’s tijdens mijn bezoek aan Kopenhagen aan het Bakkehus en het Victorian Home. De eerste foto laat een interieur uit 1820 zien, de tweede uit 1890. Wat een verschil! Ik leid jullie rond langs de 5 meest opvallende verschillen tussen middenklasse-interieurs van begin en eind 19e eeuw.

bakkehuset-biedermeier

Een van de ruimtes in het Bakkehus in de stijl van rond 1820.

victoriaanse-salon

De salon in het Victoriaanse Huis in Kopenhagen, dat sinds 1890 niet veranderd is.

1. Meubels aan de kant!

Zoals jullie zien in het Bakkehus, staan daar vrijwel alle meubels tegen de muur, terwijl in het victoriaanse huis de meubels ook in het midden van de kamer gegroepeerd zijn. Wij zijn het zo gewend, maar het was echt een victoriaans nieuwigheidje. De reden: gaslicht, en later elektrisch licht! In de tijden waar men volledig van kaarslicht afhankelijk was – en het ’s avonds en ’s nachts dus pikdonker was – was het wel zo handig om zelfs zónder kaars door je huis te kunnen lopen. En dan niet je nek te breken over dat verdwaalde bijzettafeltje. Meubels werden dus aan de kant gezet. Wellicht werden ze voor de gelegenheid wel eens dichter bij elkaar gezet, maar de hoofdplaats was tegen de muur. Zo konden ruimtes ook gemakkelijker voor verschillende doeleinden gebruikt worden – een gruwel in laat-victoriaanse ogen.

2. Aaneengeschakelde kamers

In het Bakkehus is het heel duidelijk: Alle kamers zijn aan elkaar geschakeld – er is dus geen gang. Dit leidde tot weinig privacy tussen verschillende bewoners en gasten én het personeel. Vanaf het midden van de 19e eeuw begon men dit onwenselijk te vinden. In het Victorian Home zien we daarom een tussenoplossing. Het appartement heeft deels geschakelde kamers (alleen de woonvertrekken), maar slechts de bewoners mochten via die route lopen. Het personeel moest gebruik maken van de gang, die langs de vertrekken liep. Ook de slaapkamers lagen aan die gang; dus geen medebewoners die door jouw kamer naar de wc slopen in het holst van de nacht.

3. Vol!

Het is een open deur, maar mede door de mogelijkheid om de hele kamer vol te zetten (zie punt 1) en de lagere productiekosten van meubels en stoffen, waren mid- en laatvictoriaanse kamers echt overvol. Prulletjes, zetels, bijzettafels en piano’s: alles waaraan je ook maar enige status kon verlenen, moest erin. Via de publieke woonkamer probeerden mensen al hun kwaliteiten uit te drukken. Een veelheid aan smaakvolle objecten was een teken van leven en wonen op stand.

4. Een donkere bedoeling

In het eerste deel van de 19e eeuw hield men erg van lichte kleuren en stoffen. Dit zie je terug in de roze en crème-witte muren en de wit-groen gestreepte stof van de sofa in het Bakkehus. Hoe groot is het contrast met het laat-victoriaanse Victorian Home; donker hout en zware, donkere stoffen zoals wijnrood zijden damast hebben de voorkeur. Ook zijn de ramen in een Regency-huis nauwelijks bedekt, terwijl men in de victoriaanse tijd liever de gordijnen (half)dicht trok en daarmee de kamers donkerder maakte. Zelfs de aanwezigheid van kunstlicht kon het gebrek aan daglicht in victoriaanse huiskamers niet opvangen.

5. Draperingen, vloerbedekking en huismijt

Ik moet er niet aan denken om de schoonmaakster te zijn geweest in het Victorian Home: overal gordijnen, kleedjes, draperingen en bungelende stofballen. Decoreren met stoffen was vanaf het midden van de 19e eeuw echt heel sterk in de mode. Ook koos men in de belangrijkste kamers voor luxe vloerbedekking. Hoe anders was het in de Regency-tijd: houten vloeren met hooguit een kleed, en veel minder draperieën en tierelantijntjes. Met een allergie voor huismijt was je in de victoriaanse tijd niet op zijn plaats geweest…

Ik heb zo’n vermoeden dat de meeste lezers wel een score van 5 punten halen. Wat een verschil in 70 jaar, een relatief kort tijdsbestek! Het is illustratief voor de snelle ontwikkelingen in de 19 eeuw. De eerlijkheid gebied wel te zeggen dat, hoewel de bewoners van van beide huizen wel tot de hogere middenklasse behoorden, de bewoners van het Victorian Home een stuk rijker waren. Dit zal zeker invloed op hun imposante interieur hebben gehad.

Wat mij vooral trof is hoeveel elementen in onze eigen burgelijke woonkamer hun oorsprong in de victoriaanse tijd hebben. Zoals bijvoorbeeld de placering van meubels. Hadden jullie dat gedacht? Ik vond het zelf een leuke ontdekking. In de komende maand ben ik van plan om nog meer victoriaans interieur te gaan onderzoeken, dus stay tuned!

Tea Time! Ik neem een lekker kopje brandnetelthee.

9 gedachten over “Victoriaans interieur: Zoek de 5 verschillen

  1. Ik vind het wel makkelijk om vijf verschillen te zien 😉
    Voor mezelf merk ik dat ik de stijl van het Bakkehus mij beter aan staat, maar ik het donkere van de victoriaanse tijd gezelliger vind.
    Ook wel leuk dat er op dit moment z`n rage is van het minimalitische, wat helemaal “nieuw” is. Wat het totaal niet is, zo zie je maar weer bij het Bakkehus,

    • Ja, moeilijk was het niet, hè. 😉 Leuk dat beide stijlen voor jou wel wat hebben. Het Bakkehus lijkt me praktischer, maar het Victorian Home gezellig en knus.

  2. Wat een verschillen inderdaad en ik moet zeggen dat de tweede kamer in het Victorian Home wel echt heel rijkelijk gevuld is. Stiekem zou ik dan toch eerder voor de roze kamer in het Bakkehus kiezen, alhoewel ik dan (mede dankzij het goede licht dat we nu hebben) wel gezellig een tafeltje in het midden van de kamer zou zetten 😉

    • Dat snap ik wel! Gezien de reacties hier (en elders) vinden veel mensen een mengeling de beste oplossing. En dat lijkt nou behoorlijk op onze moderne woonkamers. 🙂

    • Ja, toen ik dat hoorde was ik ook verrast. Het was me wel al eens opgevallen, maar ik geloof dat ik toen dacht dat ze gewoon weinig meubels hadden, ofzo. Zo zie je maar weer dat er vroeger veel dingen vanzelfsprekend waren, waar we dan nu de reden vaak niet meer voor kennen.

      Overigens hebben veel historische (land)huizen hun interieur naar onze smaak ingericht, zoals bijvoorbeeld ook bij het oude woonhuis van William Morris, dat nu te bezoeken is. In zijn tijd zou het er heel anders uit hebben gezien.

  3. Mooie interieurs en ik vind beide schitterend. Daarbij kijk ik niet naar mijn eigen voorkeur, maar ik vind ze mooi omdat ik houd van historie. Ik bezoek dan ook graag dergelijke huizen/musea. Het gaat me niet specifiek om de Victoriaanse tijd wat dat betreft. Maar ik vind het gewoon interessant om huizen te bezoeken en te leren van de tijd waarin de eigenaar leefde. Dat kan ook in Nederland zoals het Huis van Gijn in Dordrecht. Of het schitterende huis en (het mega grote) landschap van Winston Churchill nabij Londen.

Geef een reactie