De Enkhuizer Almanak uit 1845: vol nuttige weetjes

Eigenlijk had ik al over dit leuke boekje in de toepasselijke maand december willen schrijven, maar toen kwam er genoeg leuks en Dickensiaans tussendoor. Maar de beroemde Enkhuizer Almanak is bedoeld om je het hele jaar door te begeleiden, toch? Dit exemplaar uit 1845 vond ik in mijn favoriete antiekwinkeltje, en het is meteen de oudste originele tekst die ik heb. En het leuke is: Hij is ook echt door iemand gebruikt!

Even voor wie de Enkhuizer Almanak niet kent: Een almanak is een verzameling aan kennis en handige weetjes; en de eerste verschenen al in de 16e eeuw. In de 19e eeuw waren almanakken echter zeer populair en wijdverbreid geworden en waren er verschillende van dergelijke boekjes in druk. Zo had je bijvoorbeeld onder andere de Groninger Volksalmanak en de Deventer Almanak. Inmiddels bestaat volgens mij alleen de Enkhuizer variant nog, die in 1595 voor het eerst verscheen. Toen ik een aantal jaar geleden in een boekhandel werkte, werd de almanak in december vooral als cadeautje ter gelegenheid van Sinterklaas of Kerstmis gekocht. Volgens mij is dit vooral een traditie onder de oudere generaties.

Enkhuizer Almanak 1845

“De van ouds vermaarde Erve C. Stichters Enkhuizer Almanak voor het jaar 1845. Aanwijzende alle Jaarmarkt. /, Kermiss. / Paard- / Beest- en Leermarkten / in het koninrijk der Nederlanden gehouden wordende. Benevens de Watergetijden / Verduisteringen, den op- en ondergaan der Maan / enz. Berekend op den Middagcirkel van Amsterdam.”

Alle informatie in je broekzak

In de Enkhuizer Almanak stond praktische informatie over lijndiensten en de waterstanden, maar ook gedichten en verhaaltjes. Je zou kunnen zeggen dat dergelijke almanakken de eerste vorm van spoorboekjes of de gouden gids waren – jeweetwel, die dingen die met de komst van internet zijn afgeschaft. Maar wat waren ze handig – echt een boekje om altijd op zak te hebben. Net zoals wij onze smartphone gebruiken om alles op te zoeken of om ons te vermaken. Daarom heeft de almanak een handig zakformaat.

Enkhuizer Almanak 1845 bladzijde

Enkhuizer Almanak uit 1845 met twee pagina’s die nog niet goed zijn opengesneden door de gebruiker. Hij (of zij) vond het hoofdstuk ‘Bemesting van landerijen’ blijkbaar niet zo interessant. Ik laat het lekker zo!

En dat vind ik nu ook het leukste aan mijn exemplaar: Hij is gebruikt, maar niet te veel om verloren te gaan. Een enkele pagina is zelfs niet opengesneden; dat moest in die tijd met nieuwe boeken. En voor zover ik kon zien is er één pagina uitgescheurd, daar waar een mooie wijze spreuk moet hebben gestaan. Maar voor de rest is hij voor zijn leeftijd – 173 jaar! – in hele mooie staat. Wie zou dit boekje toch gebruikt hebben? Het zal wel altijd een raadsel blijven, maar ik stel me zo voor dat het boekje niet zo veel gereisd heeft. Dan zou het toch veel meer versleten zijn geweest? Nee, misschien was het wel een van de weinige boeken die iemand uit de arbeidersklasse had. Dan was de eigenaar mogelijk een persoon geweest die dit boekje zowel voor nut als vermaak gekocht of gekregen had. En er duidelijk zuinig mee omging. Wie weet? Het is leuk om erover te speculeren.

Boereninterieur-Jozef-Israëls-1882

Wie zou mijn boekje oorspronkelijk in zijn bezit hebben gehad? Een welvarend persoon, of misschien iemand van eenvoudige komaf? Het boekje is in ieder geval niet veelvuldig gebruikt. Schilderij: Boereninterieur (ca. 1882) door Jozef Israëls (1824-1911).

Een boekje uit een nieuwe, moderne tijd

Er is nog iets heel leuks aan deze Enkhuizer Almanak, en dat is het jaar van uitgave. Hij is namelijk gedrukt voor het jaar 1845. In die tijd veranderde er veel in Nederland; en zo komt het dat er in de almanak zowel dienstregelingen voor de trekschuit, de stoomboot, de diligence én de trein staan! De oude en nieuwe wereld ontmoeten elkaar in dit boekje. Dat vind ik zo gaaf! Met deze almanak heb je echt een stukje alledaagse 19e-eeuwse wereld in de hand.

 Schilderij-van-een-stoomtrein-door-Willem-Laurens-Bouwmeester-1874-1939

Schilderij van een stoomtrein door Willem Laurens Bouwmeester (1874-1939) [Publiek domein].

Wisten jullie bijvoorbeeld dat er in het Nederland van 1845 twee treinlijnen waren, van twee verschillende spoorwegdiensten: de Rijnspoorweg en de Hollandsche IJzeren Spoorweg? Zij reden respectievelijk tussen Amsterdam en Utrecht, en Amsterdam en Den Haag. Een rit Amsterdam-Utrecht duurde 1 uur en 8 minuten; tegenwoordig zijn dat 26 minuten. Maar toch was het voor de 19e-eeuwse Nederlander een vliegensvlugge ervaring, want de trekschuit die ook nog voer deed er maar liefst 5,5 uur over! Overigens waren er bij alle vervoersmiddelen dienstregelingen voor zomer en winter, want daglicht was belangrijk, en het weer had genoeg effect op het materieel (wat dat betreft niets nieuws onder de zon…).

De snelle trein en de slome trekschuit bestonden trouwens gewoon naast elkaar, en dat had twee hele praktische redenen: Er waren alleen nog maar de twee al genoemde treinverbindingen, terwijl je met de trekschuit op veel meer plaatsen kon komen. En ook zal de prijs voor een tocht met de trekschuit een stuk goedkoper zijn geweest.

Haven van Amsterdam gravure

Schuitje varen in de haven van Amsterdam. Hier gaat het meer om een pleziervaartje dan om een lange reis. Plaat uit mijn collectie, datum onbekend (vermoedelijk ca. 1850).

Naast de trein en de trekschuit waren er ook nog stoomboten en andere bootdiensten, en de (vaak aansluitende) diligence. In mijn almanak staat bijvoorbeeld ook de bootverbinding tussen Amsterdam en Buiksloot, die Jacob van Lennep in 1823 al nam. Hoe leuk is dat!

Verbindingen met de hele wereld

De Enkhuizer Almanak bevat zo veel informatie, dat ik nauwelijks weet waar ik mee moet beginnen. Wat me in het bijzonder opviel waren de goede post -en reisverbindingen naar Europa en zelfs daarbuiten. Wie had dat gedacht? De posterijen waren sowieso veel vlotter dan die van tegenwoordig: In een groot deel van Nederland was een brief die op een avond vóór 18.00 uur gepost werd, de volgende dag om 07.00 uur ’s ochtends op bestemming. Briefwisselingen waren toen gewoon zo belangrijk als communicatiemiddel, dat men er echt vaart achter zette.

Enkhuizer Almanak 1845 watergetijden

Een pagina uit de Enkhuizer Almanak met de watergetijden voor het jaar 1845.

Over zee ging het wel iets minder vlot, maar toch niet al te langzaam. Post naar Friesland en Groningen ging slechts 3 maal per week met de stoomboot vanaf Amsterdam. Ja, dat krijg je zonder Afsluitdijk. En post naar Nieuw-Zeeland ging 1 keer per maand met de stoomboot. Dan moest je wel eventjes wachten op een antwoord van thuis.

Heb je je trouwens wel eens afgevraagd hoe je in 1845 van Amsterdam naar, zegge, het bloeiende Kopenhagen kon komen? Dat ging als volgt: Je nam een stoomschip van Amsterdam naar Hamburg, deze voer ééns in de vijf dagen. Elke dinsdag kon je dan overstappen op een diligence naar Kiel, vanwaar weer een stoomboot naar Kopenhagen ging.

Maar twee keer overstappen, dat valt wel mee toch? Al denk ik dat je er met de meest gunstige dienstregeling er toch wel een week over deed. Ik vind het echt heel gaaf dat je in je boerenhut kon nalezen hoe je in Kopenhagen kon komen. Dankzij de Enkhuizer Almanak.

Vasthouden aan oude gewoontes

Terug in Nederland valt het wel op dat bepaalde regels in het dagelijks leven nog letterlijk uit de middeleeuwen stamden. Zo staan er in de almanak de tijdstippen waarop de stadspoorten van een aantal steden sloten. Na een bepaald tijdstip kwam je gewoon de stad niet meer in of uit – of alleen via één enkele poort, en dan tegen betaling. Zo waren de stadspoorten van Enkhuizen en Haalem in april open tussen half vier ’s ochtends en acht uur ’s avonds. De steden waren dan dus maar liefst 15,5 uur per dag open. s’ Winters openden de poorten echter pas om 7 uur ’s ochtends en sloten al om 17.00 uur. Lang blijven plakken op een feestje kon dus niet. Ook hier zie je dus weer terug dat de mensen met de seizoenen leefden.

De nachtwachter van Nördlingen Hennings

De nachtwachter van Nördlingen (1880) door JF Hennings (1838-1899).

Leven met de seizoenen

Het is dan ook niet gek dat de almanak begint met informatie per seizoen. Wanneer er markten waren (in de zomer meer dan in de winter), wanneer het volle maan was en wanneer de christelijke en joodse feestdagen dat jaar vielen.

Enkhuizer Almanak 1845 juli

De hooimaand, oftewel juli, besproken in de Enkhuizer Almanak. Compleet met een lijst van alle markten, een mooi plaatje en een stichtelijk vers: “De landman op zijn gouden akker, / zingt vrolijk en verzamelt wakker, / de volle schoven naar de schuur, / En looft den Schepper der Natuur.”

Zoals ik al eens eerder heb geschreven, waren de maan en de zon in een tijd zonder veel kunstmatige verlichting heel belangrijk voor het dagelijks ritme. Wat voor zin had het om nog naar een stad te willen, als het aardedonker was, en er ook geen maan was? Het duister kon echt heel donker zijn. Extra Interessant zijn daarom ook de aangekondigde maan- en zonsverduisteringen, die in de almanak genoemd staan. Een gedeeltelijke maansverduistering zou te zien zijn in de nacht van 13 op 14 november 1845, en een gedeeltelijke zonsverduistering op 6 mei 1845 om 10.17 uur in de ochtend. Wat zullen de mensen op de beestenmarkt in Weesp (ja, volgens de almanak was het die dag markt in Weesp) geschrokken zijn van dit fenomeen! Tenminste, als ze de almanak niet hadden gelezen. Toch wel handig, zo’n boekje.

zonsverduistering 8 juli 1842 Jacob Alt

Net een paar jaar eerder: De zonsverduistering op 8 juli 1842, door Jacob Alt (1798-1872) [Publiek domein].

Zoals jullie al zien, bevat dit boek een schat aan informatie. Geen grote wetenswaardigheden, maar dienstregelingen, feestdagen, sterrenbeelden, de prijs van officiele zegels (elk jaar een beetje duurder), markten voor allerlei vee, watergetijden, heiligendagen en de verjaardagen van leden van het koninklijk huis.

En dan heeft het boekje ook nog een deel twee, samengesteld door De Maatschappij: Tot Nut van ’t Algemeen. Met wijze raad, koddige liedjes, prenten en verhalen. Maar die houden jullie nog van me te goed.

Het is weer eens tijd voor thee. Earl Grey met melk maar weer.

6 gedachten over “De Enkhuizer Almanak uit 1845: vol nuttige weetjes

    • Ja, leuk is dat hè. Toen ik in de boekhandel werkte vond ik het eerst maar een vreemd boekje, met horoscopen enzo. Die zijn toch wat minder voorspelbaar dan een dienstregeling, zou ik zeggen. Maar inmiddels kan ik het boekje wel waarderen (het liefste de antieke exemplaren. 😉 )

  1. Wederom een leuk artikel Josephine. Ik vind het leuk dat je er een aantal mooie schilderijen tussen hebt gedaan, dan leeft het verhaal nog meer. Ik ben benieuwd naar je blog over deel 2!

    • Dank je wel! De verhaaltjes en gedichtjes in deel twee zijn erg leuk, en ik ben al aan het bedenken welke selectie ik zal maken.

  2. Dus dat staat er in dat Enkhuizer boekje.. mijn oma had ze ook altijd! Ik vond het maar een vreemd ding, kleine letters en geen idee wat je met al die informatie moest. Ook het plaatje coorop vond ik zo vreemd.

    Leuk om te zien dat ze vroeger echt meer wisten van andere landen dan we vaak denken. En Postnl maar zeggen dat ze zo vaak en snel post bezorgen

    • Grappig dat je de almanak eerst maar vreemd vond, dat had ik ook. Het is blijkbaar echt iets van een andere generatie!

      Het is mij ook opgevallen hoeveel men wist, en hoe gestructureerd men dat wist over te brengen. Als echte planner weet ik zeker dat ik in die tijd ook zo’n boekje had willen hebben!

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.